Waardenwerk
 Nieuwsbrief

Schrijf u in voor onze digitale nieuwsbrief en blijf op de hoogte!




| Meer
Rehabilitatie congres
[ advertenties ]




DE NIEUWE GGZ: Nieuwe kleren voor de GGZ

Al jaren is er sprake van onbehagen in de GGZ. Voor wie het wil weten is er veel wat niet goed gaat. Er is te veel aanbodsturing, grote onvrede met de uitkomsten, de iatrogene schade is te groot. En ook: de sector eet een steeds groter deel van het BNP op. De oplossingen die politiek, beleid en management voor dit probleem bedenken bevinden zich steeds binnen dezelfde parameters. De basisgedachte daarbij is dat de GGZ in de kern inhoudelijk op het goede spoor zit en eigenlijk heel toekomstbestendig is (‘wij doen al lang aan vraagsturing’). Er hoeft slechts hier wat bij en daar wat af, een paar verschuivingen in de subsystemen, geld er bij en klaar is Kees.

Voorstellen die in de praktijk weinig zoden aan de dijk zetten en het onbehagen niet wegnemen. Voor de persoon die te maken krijgt met de GGZ is er de laatste jaren dan ook merkwaardig weinig veranderd. We hebben nog steeds de meeste bedden, we zijn nog steeds kampioen dwang en drang. De DSM ligt nog altijd op tafel en in de praktijk geldt als het er op aan komt de dokterslogica: diagnosticeren en pillen voorschrijven. En dat in steeds grotere hoeveelheden (cf. de depressieepidemie). Je zou dus kunnen zeggen dat de sector, de zeldzame uitzonderingen niet te na gesproken, in de kern buitengewoon weerbarstig en veranderingsonwillig of -unfähig is. Er zit ergens een wand waar alle pogingen om te vernieuwen op stuk lopen. En nu dus een nieuwe poging, door Van Os c.s.2 gepresenteerd als een disruptief model. Wat het volgens mij niet is.

Een van de problemen die ik met dit boek heb is de twijfel of Van Os de weerbarstige kern van de GGZ wel aanpakt. Ik vrees dat wat hij voorstelt opnieuw zal leiden tot de zoveelste, inhoudelijk lege vormverandering. Een die in theorie (het hele boek is theorie) weliswaar verder gaat dan alle vorige omdat ze alle mogelijke perspectieven en paradigma’s meeneemt, nieuw en oud, maar juist daardoor inhoudelijke vernieuwingen blokkeert omdat de leeuw (de oude psychiatrie) en het lam (de nieuwe psychiatrie, de herstellers, de ervaringsdeskundigen) in één hok worden gestopt, met voorspelbare afloop. De olifant die naar zeggen van Van Os midden in de GGZ staat en met veel misbaar trompettert dat het niet goed gaat, heeft als puntje bij paaltje komt toch vooral Fernweh naar een nieuwe organisatie van de GGZ, nu in de wijk. Maar alles overziend, nu ook dit boek van Van Os, zou een pleidooi voor minder, veel minder GGZ, meer op zijn plaats zijn. Een bescheiden en nederige GGZ, die niet veel kan en dat erkent, en veel tolerantie en begrip heeft voor alles wat gek is. Want daar is uiteindelijk meer reden voor dan voor de volgende nieuwe jas. Het is uiteindelijk toch behandelen, veel behandelen (een kwart van de bevolking!) waar Van Os naar streeft. Maar wie wil nou een GGZ die als een rivier in de delta van de samenleving uitvloeit en in iedere wijk 120 FTE aan GGZ-personeel afzet. En daarbij tot in de kleinste haarvaten tegen de bevolking aanschurkt. En omdat volgens Van Os iedereen aan de nieuwe GGZ mag meedoen (het merendeel van de huidige werkers, ervaringsdeskundigen, recovery werkers, maar ook de harde biologische psychiaters die gek zijn op stofjes), vind ik dat geen prettig vooruitzicht. Wat gaan die mensen straks bij mij om de hoek doen? Daar ben ik niet gerust op, temeer omdat er in het model van de Nieuwe GGZ, dat tot op een bizar niveau gedetailleerd is, niet één opmerking wordt gemaakt over hoe de burger dat systeem gaat sturen (dat is toch de bedoeling, of vergis ik me nou zo erg?).

 

Ed van Hoorn

Lees verder op p. 32 van nummer 66-67 van Waardenwerk. Nog geen abonnee? Klik hier.








Reacties op dit artikel:


- Nog geen reacties

Uw reactie, mening:
Vul het volgende veld niet in:
Naam:
Email:
Bericht:

Uw reactie is niet anoniem. Uw IP adres zal worden opgeslagen.