Waardenwerk
 Nieuwsbrief

Schrijf u in voor onze digitale nieuwsbrief en blijf op de hoogte!




| Meer
Rehabilitatie congres
[ advertenties ]




Amor Complexitatis - Bouwstenen voor een kritisch humanismeAmor Complexitatis: Harry Kunneman meent dat dit begrip een belangrijke wegwijzer biedt in het licht van de grote complexiteit en urgentie van de vragen waar wij mensen aan het begin van de eenentwintigste eeuw voor staan. In plaats van complexiteit in de houdgreep te nemen of weg te duwen, wijst amor complexitatis naar het beamen en omarmen van complexiteit: van onszelf, van anderen en van de wereld.
Afscheidsrede Harry KunnemanTer gelegenheid van het afscheid van Harry Kunneman als hoogleraar sociale en politieke theorie aan de UvH wordt op 5 oktober 2017 een afscheidssymposium georganiseerd in Utrecht. De inhoud van het symposium wijst niet alleen naar het verleden, maar ook naar de toekomst: de conferentie brengt een groot aantal denkers en doeners bij elkaar die verwantschap voelen met centrale thema’s uit zijn onderzoek en onderwijs, zoals kritisch humanisme, normatieve professionalisering, modus drie kennis en het ontwikkelen van moreel kapitaal in organisaties.
Dit zomernummer van Waardenwerk biedt wederom een breed scala van analyses en beschouwingen, variërend van euthanasie bij jongeren en de verhouding tussen filosofie en waanzin, tot het debat over humanisme en Islam, die oriëntatie bieden op de zoektocht waar het ons om gaat: het bevorderen van werk dat deugt en deugd doet met het oog op een meer rechtvaardige en duurzame samenleving.
Iedereen wil goed leven, maar als het einde toch onvermijdelijk nadert, dan (ook) bij voorkeur een goede dood. Maar wanneer is sterven goed te noemen. Als het onontkoombaar vanzelf gaat, zonder te veel lijden? Maar als het niet onontkoombaar vanzelf gaat, en er (veel) te veel lijden is? Eu-thanatos, eu-thanasie.
De actuele maatschappelijke discussie rondom euthanasie richt zich op de groep ouderen die hun leven voltooid achten en die nu niet binnen de kaders van de huidige euthanasiewetgeving valt. In die discussie wordt aandacht gevraagd voor een mogelijke aanpassing van euthanasiewetgeving maar ook voor het verbeteren van kwaliteit van leven en de zorg rondom de ouderen die 'klaar met leven' zijn.
Jeannette Croonen schreef samen met Carine de Vries het boek 'De strijd voorbij. Euthanasie in de psychiatrie'. Beiden verloren een kind, voor wie de zelfgekozen dood de enige uitweg was uit een leven dat ze niet meer wilden leven. Er bleek geen middel, geen therapie beschikbaar om Monique en Tjeerd te genezen en weg te houden van hun fatale besluit.
De Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde (NVVE) is een bekende en ook gerespecteerde organisatie. Minder bekend is dat zij een actieve Jongerenafdeling heeft. NVVE Jongeren zet zich in voor bewustwording over de vraagstukken die spelen bij Jongeren en euthanasie. Wat zeker nodig is, nu de aadacht voor vraagstukken van vrijwiliig levenseinde vooral op ouderen gericht is.
In mijn werk als arts voor de Levenseindekliniek kom ik veel misverstanden tegen over euthanasie en hulp bij zelfdoding. Niet alleen bij patiënten en hun familie, maar ook bij hulpverleners. Ik schreef er een boek over. In oktober 2016 verscheen Slotakkoord, 15 misverstanden over euthanasie en hulp bij zelfdoding. In dit boek ontrafel ik in vijftien hoofdstukken evenzovele misverstanden.
Sinds de zaak-Chabot in 1994 is er veel aandacht voor hulp bij zelfdoding in de psychiatrie. De (internationale) maatschappelijke en wetenschappelijke discussie laat zien dat er nog steeds geen consensus bestaat over het toestaan hiervan, onder welke voorwaarden, en welke patiënten hiervoor in aanmerking komen. Feit is dat in Nederland hulp bij zelfdoding voor psychiatrisch onder bepaalde wettelijke criteria is toegestaan, en dat het aantal gevallen elk jaar stijgt.
Hoe benader je als botanisch filosoof het vraagstuk van plantaardige intelligentie? Een filosoof beschikt immers over een bescheiden instrumentarium om deze vraag te lijf te gaan. Toch is er een denkinstrument in de wijsgerige gereedschapskist dat wellicht uitkomst biedt: het gedachte-experiment. Hoewel dit denkgerei niet zal leiden tot geen bevredigend antwoord op de vraag of er sprake is van plantaardige intelligentie, stelt het de lezer in staat om de kwestie vanuit een nieuw licht te bezien.
Het boek Blijf de aarde trouw van Henk Manschot bestaat uit twee delen die verschillend maar zeer nauw verwant zijn: het eerste deel gaat over Nietzsche, die gelezen wordt tegende achtergrond van de ecologische crisis: het tweede deel gaat over wat ons te doen staat inzake die ecologische crisis en beantwoordt die vraag in gesprek met Nietzsche.
Vorig jaar 21 oktober 2016 organiseerde de Stichting Psychiatrie en Filosofie in Utrecht een symposium naar aanleiding van en geïnspireerd door twee markante prijswinnende publicaties, beide in 2014, over het thema Filosofie & Waanzin.
Er bestaat een op het eerste gezicht oppervlakkige analogie tussen tijd en waanzin die de naam draagt van Sint Augustinus - de kerkvader, theoloog en filosoof uit de vierde eeuw na Christus. Als deze zich in zijn Bekentenissen over de vraag buigt, wat tijd is, merkt hij op dat 'wanneer maar niemand het me vraagt, ik het weet; maar wanneer iemand me vraagt het uit te leggen, ik het niet weet.'
Deze geschreven tekst is gebaseerd op een gesproken lezing van mij over filosofie en waanzin. Het voordeel van een leestekst boven een gesproken versie ligt er voor de lezer in dat hij/zij zinnen, alinea's of het hele paragrafen kan overslaan, wat de auteur de mogelijkheid biedt om meer van zijn eigen onsamenhangende hersenspinsels te tonen, erop vertrouwend dat de lezer zelf zijn weg vindt door de tekst.
In mijn tekst over filosofie en waanzin, In de ban van de omtrekkende beweging (in dit nummer), heb ik geprobeerd zin, samenhang of coherentie aan te brengen. Is dit streven naar coherentie en orde de filosofische boventoon, die een waanzinnige ondertoon van dreigende incoherentie en chaos beheerst, onderdrukt of 'in het gareel' brengt?
Als de taal de ziel is van de identiteit, en dat is ze, en als reflectie de ziel is van de taal, en dat is ze, dan is uiteindelijk reflectie datgene waar het voortbestaan van de eigen cultuur mee staat of valt. Deze gedachte is de afgelopen jaren deerlijk gemist, alleen al bij de discussies over Europa. Ze is gemist in heel ons ontrederde continent.
Dat we leven in een onzekere samenleving is geen nieuws. Vermoedelijk zal die onzekerheid op economisch, cultureel, politiek en moreel vlak (voorlopig?) ook niet afnemen. De globale ontwikkelingen laten zich niet plannen of sturen. Ver van mijn bed bestaat niet meer, het globale is lokaal. De wereld in de wijk. Het web kent geen tijd, noch plaats.
Bij de denkers van wie het werk inspirerend en maatgevend is voor de theorie en praktijk van normatieve professionalisering, kan Richard Sennett niet ontbreken en in de werkgroep Normatieve Professionalisering hebben we met name aandacht besteed aan zijn De Ambachtsman. De mens als maker (2008); en dat boek staat in dit artikel centraal.
De verhouding tussen humanisme en islam staat in het maatschappelijk debat weer volop in de belangstelling. De negatief-kritische stem is daairin dominant. De meeste opiniemakers en politici beschouwen de islam als een anti-humanistische religie. De islam zou namelijk lijnrecht staan tegenover humanistische waarden als rechtvaardigheid, democratie, gender en lhbti gelijkheid, autonomie en vrijheid van meningsuiting (Ljamai, A., 2015a).